Een Goldsworthy-T-shirt

Al jaren maak ik regelmatig T-shirts speciaal voor onze zomerweken bij Buitenkunst, in het begin met t-shirt transferpapier van de HEMA, en later heb ik ze gezeefdrukt of liet ik ze maken bij een textieldrukshop. Dit jaar heb ik voor het eerst een andere techniek gebruikt.

Transfer2007, zangworkshop Ars nova (maar op het shirt een stukje art nouveau van Gaudí)

Zeefdruk2011, zangworkshop Trio’s, duetten en solo’s

Drukshop2022, zangworkshop Operahelden en ontwerpworkshop Zitten

Dat kwam doordat ik me had ingeschreven voor de workshop Land Art in kleur. Een van de grootheden op dat gebied is Andy Goldsworthy, die onder andere werk heeft gemaakt met herfstbladeren. Ik wilde nu op een zwart T-shirt bladeren in acht verschillende kleuren drukken.

De bekende technieken leken niet bruikbaar:
◆ T-shirt-transfers kun je alleen op lichte stof gebruiken, en dit werd een zwart T-shirt; bovendien zijn de transfervellen te klein (A4).
◆ Bij zeefdruk heb je voor elke (dekkende!) kleur een aparte drukgang nodig, en met acht drukgangen wordt het registreren erg lastig; daarnaast wordt het kostbaar omdat je moet betalen voor het gebruik van meerdere zeven (nog los van de tijd die je nodig hebt).
◆ Wat het uitbesteden betreft: ik heb in 2017 een T-shirt veelkleurig laten bedrukken, en ik ben nog steeds blij mee, maar de gekleurde laag textiel heeft in de loop van de tijd losgelaten.

Daarom besloot ik deze keer sjablonen te gebruiken. Ik wilde een spiraal van bladeren maken, in verlopende kleuren. Op het internet zocht ik uiteenlopende bladvormen, die ik in Photoshop bewerkte tot egaal gevulde vlakken. In Adobe Illustrator voegde ik ze samen tot een ontwerp dat doorliep van de voor- naar de achterkant. In mijn papierkast lagen nog vellen acetaat. Daaruit sneed ik de vormen van de verschillende bladeren. Ook van mijn monogram maakte ik een sjabloon.

Bij Pipoos kocht ik een setje met potjes dekkende textielverf („for dark fabrics”) en schuimpenselen (van schuimrubber). Een proefdruk van mijn monogram lukte, dus ik kon verder. Van het ontwerp had ik ook een schema gemaakt, met cirkels in plaats van bladeren. Dat drukte ik op ware grootte af, op meerdere vellen A4. In het midden van elke cirkel maakte ik een gaatje. Met een krijtje markeerde ik elk middelpunt op het T-shirt.

Bij het afdrukken werkte ik vanaf het midden van de spiraal naar buiten, en van daar af naar de achterkant van het T-shirt. Daardoor wisselde ik continu van sjabloon en kleur, en drukte ik steeds verschillende kleuren over elkaar heen. Als ik steeds had gewacht tot de verf helemaal droog was, was ik weken bezig geweest, maar dat was gelukkig ook niet nodig. Wel moest ik steeds de gebruikte sjablonen afspoelen en afdrogen, omdat anders restjes verf aan de onderkant van het sjabloon „spookafdrukken” zouden veroorzaken.

Aan de voorkant heb ik heel secuur de kleuren en blaadjes van mijn ontwerp gevolgd, aan de achterkant heb ik iets meer vrijheid genomen. Zodra de verf droog was, kon ik die fixeren door het T-shirt aan de niet bedrukte kant te strijken (5 minuten op „katoen”).

Dit was een van de leukste projecten van de laatste tijd, niet in de laatste plaats doordat ik eindelijk weer eens zelf het drukwerk had gedaan.

Het was ook de aanleiding om vaker deze techniek te gaan gebruiken. Drie van de bladsjablonen (beuk, linde en Japanse esdoorn) heb ik dan ook hergebruikt voor fietsvlaggetjes. Zo konden we tijdens Oerol onze huurfietsen makkelijker terugvinden. Een restantje quiltstof van de zomerjurk kwam hierbij goed van pas.

Er liggen nog enkele niet gerealiseerde T-shirt-ontwerpen te wachten: „Resistance is futile”, „Meer kleur op straat”, „Enjoy the view” en „Franz Krienbuehl” (een remake van een heel oud T-shirt). De eerste heb ik net af, maar het blijkt toch lastig om heel precies en zonder te knoeien met sjablonen op stof te werken.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.